Een merklabel laten maken doe je bij een labelfabrikant, niet bij je kledingproducent. Je kiest tussen geweven, geprint of geborduurd, je levert je logo aan als vectorbestand, en je bestelt in één keer voor je hele collectie. In een kledingstuk zitten meestal drie labels: je merklabel, het maatlabel en het label met de verplichte samenstelling. De hangtag telt als vierde, en dat is het enige label dat je klant echt leest.

Labels zijn het onderdeel waar startende merken het laatst aan denken en het eerst over struikelen. Je collectie is af, je producent staat klaar, en dan blijkt je labelorder zes weken levertijd te hebben. In de 23 jaar dat ik mijn eigen sportmerk had, met productie in ons eigen atelier, heb ik dat vaker zien gebeuren dan me lief is. Dus hier staat het compleet: welke labels je nodig hebt, wat je kiest, en wat je aanlevert.

Welke labels zitten er in een kledingstuk?

Pak een shirt uit je eigen kast en kijk in de hals. Grote kans dat je drie dingen ziet, soms samengevoegd op één lapje, soms los van elkaar.

  • Het merklabel. Je logo, je naam. Dit is branding, verder niets. Wettelijk hoeft het niet.
  • Het maatlabel. S, M, L of 38, 40, 42. Ook niet verplicht, wel onmisbaar zodra je meer dan één maat maakt.
  • Het samenstellingslabel. Hierop staat waar je product van gemaakt is en wie de producent is. Dit is het enige label met een wettelijke basis.

Die derde is de enige waar je geen keuze in hebt. De materialen en hun verhouding moeten vermeld staan, met de officiële vezelnamen, in de taal van het land waar je verkoopt. Wasvoorschriften zijn niet verplicht, ook al denkt bijna iedereen van wel. Ik heb dat helemaal uitgeschreven in wat er op het waslabel moet staan, inclusief de uitzonderingen. De officiële eisen staan bij Ondernemersplein over etiketten, en de NVWA controleert erop.

Belangrijk om te weten: die verplichte informatie moet vast aan het product zitten. Ingenaaid of gedrukt, zodat het er na het knippen van de hangtag nog steeds op staat. Een kaartje aan een touwtje voldoet niet.

Merklabel laten maken: geweven, geprint of geborduurd?

Dit is de keuze waar de meeste tijd in gaat zitten, en waar je gevoel je soms in de weg zit. Kijk niet naar wat het mooist is op een foto, kijk naar wat je product aankan.

Geweven labels zijn de standaard voor de meeste merken. Je logo wordt in het weefsel zelf geweven, dus het slijt niet weg. Ze kunnen fijn detail aan, al is er een grens: hele dunne lijnen en kleine letters lopen dicht. Je hebt hier vaak keuze uit een damast- of taftweefsel. Damast is fijner en zachter, taft is goedkoper en steviger van hand.

Geprinte labels zijn dunner en zachter tegen de huid. Voor sportkleding, ondergoed en babykleding vaak de betere keuze, want een stug geweven label in de hals van een hardloopshirt schuurt. Nadeel: de print kan na veel wassen vervagen. Vraag altijd een testexemplaar en was het tien keer op de temperatuur die jij op je label zet.

Geborduurde labels zijn duurder en logger, en alleen interessant als je logo daar echt naar vraagt. In de praktijk zie ik ze weinig bij startende merken.

En dan is er nog de techniek zonder label: je merknaam direct in de hals drukken. Populair bij oversized tees en heel comfortabel voor de drager. Houd er rekening mee dat je de verplichte samenstelling dan alsnog ergens duurzaam moet aanbrengen, bijvoorbeeld in de zijnaad.

Waar naai je je labels in?

Hier maken beginners de vaakst gemaakte fout: ze bedenken de plaatsing pas als de stof al gesneden is. Je plaatsing bepaalt namelijk mee hoe je kledingstuk in elkaar gezet wordt, en dat moet in je tech pack staan.

De gebruikelijke plekken:

  • Hals, midden achter. Klassiek. Merklabel en maatlabel samen, of onder elkaar.
  • Zijnaad, links onderaan. Voor het samenstellingslabel, en steeds vaker ook voor het merklabel bij minimalistische merken.
  • Zichtbaar aan de buitenkant. Een lus- of vouwlabel in een zijnaad of onderaan een broekspijp. Dit is branding die meeloopt in het straatbeeld, en het kost je niets extra.
  • Op de tailleband. Voor sportkleding en broeken, met het merklabel aan de binnen- of buitenkant.

Kies één plaatsing en houd hem vast over je hele collectie. Dat lijkt een detail, maar het is precies wat een lijn er professioneel uit laat zien in plaats van bij elkaar geraapt.

Wat kost een merklabel en hoeveel moet je afnemen?

Labels worden per ontwerp gemaakt, en daar zit de kostenval. Je betaalt eenmalig voor het opzetten van het weefpatroon of de drukvorm, en daarna per stuk. Hoe meer je in één keer bestelt, hoe lager de stuksprijs, en dat verschil is groot.

Wat dat in de praktijk betekent voor je eerste collectie:

  • Bestel je merklabel in één order voor al je stijlen, niet per stijl apart. Het merklabel is namelijk voor alles hetzelfde.
  • Maatlabels bestel je per maat. Reken uit hoeveel stuks je per maat maakt, en bestel royaal, want een nabestelling van vijftig maatlabels is bijna net zo duur als vijfhonderd.
  • Het samenstellingslabel verschilt per stof, dus per stijl. Combineer stijlen met dezelfde samenstelling in één label.

Reken labels gewoon mee in je kostprijs, net als je fournituren. Ze zijn per stuk niet duur, maar de eerste order voelt fors omdat je meteen voor een jaar inkoopt.

Wat heeft je labelfabrikant van je nodig?

Een goede aanvraag scheelt je twee weken heen en weer mailen. Stuur in één keer mee:

  1. Je logo als vectorbestand (.ai, .eps of .pdf). Een jpg uit je Instagram is niet genoeg, dat wordt onscherp bij weven.
  2. De afmetingen in millimeters, breedte en hoogte van het zichtbare deel.
  3. De afwerking. Recht afgeknipt, eindvouw, middenvouw of een gestanst label. Dit bepaalt hoe het ingenaaid wordt.
  4. Je kleuren als Pantone-nummer. Niet “donkerblauw”. Zie ook de kleurenwaaiers van Pantone.
  5. De aantallen per variant.

Vraag altijd om een fysiek proefexemplaar voordat de hele order draait. Een label op je scherm en een label in je hand zijn twee verschillende producten. Ik heb logo’s zien dichtlopen in het weefsel omdat de lijnen te dun waren, en dat zie je pas als je het vasthoudt.

En de hangtag?

De hangtag is je enige stille verkoper op het rek. Hij hangt eraan, hij mag eraf, en hij is het enige label waar je vrij kunt schrijven. Zet erop wat je merk onderscheidt: waar het gemaakt is, waarom deze stof, wie je bent. Een QR-code naar je verhaal werkt beter dan nog een keer je logo.

Let wel op je merknaam. Zodra je die op labels en hangtags zet, ga je hem publiek gebruiken, en dan wil je weten of je hem mag houden. Lees daarvoor hoe je je merknaam beschermt voordat je duizend labels laat weven.

Drie fouten die ik het vaakst zie

Te laat bestellen. Labels hebben levertijd, en je producent kan niet beginnen zonder. Bestel je labels op het moment dat je je stof bestelt, niet als je sample is goedgekeurd.

Maatlabels vergeten mee te rekenen. Je weet hoeveel stuks je maakt, maar niet altijd de verdeling per maat. Dat komt uit je maattabel en je verkoopverwachting, en het is een schatting die je vooraf moet maken.

Het label mooier maken dan het kledingstuk. Een dik geweven label van vier bij zes centimeter in de hals van een licht sportshirt is geen branding, dat is een schuurplek. Je klant knipt het eruit, en dan is je merknaam weg.

Wil je dit stap voor stap leren?

Labels zijn één schakel in een keten die je helemaal moet overzien: van ontwerp naar tech pack, naar stof, naar producent, naar prijs. In mijn online cursus Start je eigen Kledinglijn loop ik die hele keten met je door, met de checklists die ik in mijn eigen bedrijf ook gebruikte. Wil je eerst voelen of dit iets voor je is, begin dan met de gratis minicursus.

Veelgestelde vragen over labels in kleding

Is een merklabel verplicht in kleding?

Nee. Alleen de samenstelling van het materiaal en de gegevens van de producent moeten vermeld worden, duurzaam bevestigd aan het product. Je merknaam, je maat en je wasvoorschrift zijn niet wettelijk verplicht, maar wel gebruikelijk en handig voor je klant.

Kies ik een geweven of een geprint label?

Geweven gaat het langst mee en oogt het meest hoogwaardig. Geprint is dunner en zachter, en dus prettiger tegen de huid bij sportkleding, ondergoed en babykleding. Twijfel je, vraag dan van beide een proefexemplaar en was ze tien keer.

Hoeveel labels moet ik in één keer bestellen?

Labelfabrikanten werken met een minimumafname per ontwerp, en de stuksprijs daalt hard bij grotere aantallen. Bestel je merklabel daarom in één order voor je hele collectie en niet per stijl, en schat je maatverdeling vooraf in zodat je niet hoeft na te bestellen.

Wat moet ik aanleveren voor een merklabel?

Je logo als vectorbestand, de afmetingen in millimeters, de gewenste afwerking of vouw, je kleuren als Pantone-nummer en de aantallen per variant. Vraag daarna altijd een fysiek proefexemplaar aan voordat de volledige order in productie gaat.

Gratis tool

Nu nog de tekst op je waslabel

Vul in wat er in je kledingstuk zit en hoe het gewassen wordt. Je krijgt de tekst die wettelijk op je label moet, in de goede volgorde en met de wassymbolen erbij. Merknamen als Lycra en Tencel worden vanzelf de officiële vezelnaam. Met je logo, in vier talen, en met een hangtag.

Stuur mij de Waslabel Generator

Je krijgt de link en de printbare checklist. Direct in je inbox, uitschrijven kan altijd.