Een kledinglijn starten zonder eigen geld kan, en er zijn grofweg drie routes: je kosten zo laag mogelijk houden, geld lenen bij een partij die starters financiert, of je productie laten voorfinancieren door je eerste klanten. Hieronder staan elf concrete manieren, met per manier wat hij je oplevert en wat hij van je vraagt.
Zoek je niet naar financiering maar wil je weten wát het kost, begin dan bij mijn blog over een kledingmerk starten met een klein budget. Daar staan de bedragen en de verdeling. Deze pagina gaat over waar dat geld vandaan komt.
Ik zeg er meteen iets eerlijks bij. Geen van deze elf routes maakt het makkelijker om een goede collectie te maken. Ze maken het mogelijk om te beginnen. Wat je maakt en voor wie, dat blijft jouw werk.
Route 1: je kosten laag houden
1. Blijven werken in loondienst tijdens het opstarten
Parttime of fulltime in loondienst blijven terwijl je opbouwt, geeft je een vast inkomen waaruit je je eerste patronen en samples kunt betalen. Je gaat langzamer, en je hoeft geen enkele beslissing te nemen onder tijdsdruk. Dat is bij een eerste collectie meer waard dan snelheid. Voor de planning die daarbij hoort, kijk je in mijn blog over hoe lang het duurt om een kledinglijn te starten.
2. Leasing of huurkoop voor apparatuur
Heb je machines nodig, zoals een industriële naaimachine of een stoomstrijkijzer, dan kun je die leasen of via huurkoop aanschaffen in plaats van kopen. Je maandlast is lager en je kunt met professioneel materieel werken. Reken wel de totale kosten over de hele looptijd uit voordat je tekent, want leasen is over de jaren heen meestal duurder dan kopen.
3. Print on demand als tussenstap
Bij print on demand laat je jouw ontwerp drukken op een bestaand basisproduct, en je betaalt pas als er iets verkocht is. Voorraadrisico nul. Dat is een echte manier om zonder geld te beginnen en om te testen of je publiek koopt.
En nu het eerlijke deel: je hebt hierbij geen eigen patroon, geen eigen pasvorm en geen eigen stofkeuze. Je marge is dun. Het financiert dus een start, geen merk. Zie het als de fase waarin je je publiek opbouwt en je eerste omzet maakt, waarna je met die opbrengst je eerste echte collectie laat maken. Ik heb dat verschil uitgewerkt in mijn blog over print on demand voor je kledingmerk.
Route 2: geld lenen
4. Lenen van familie of vrienden
Een onderhandse lening is vaak de snelste route en de gevoeligste. Zet daarom op papier wat je leent, tegen welke rente, in hoeveel termijnen en wat er gebeurt als het tegenzit. Dat voelt overdreven bij je eigen zus en het is precies waarom die afspraak overeind blijft als het een jaar duurt voordat je terugbetaalt.
5. Microkrediet bij een kredietverstrekker voor starters
Krijg je bij een gewone bank geen financiering, dan zijn er partijen die zich juist op startende ondernemers richten. Qredits verstrekt in Nederland microkredieten aan starters, met begeleiding erbij. Je hebt hiervoor een businessplan nodig met een onderbouwde begroting. Hoe je dat opbouwt, staat in mijn blog over een businessplan maken voor je kledinglijn.
6. Starterskrediet of voorbereidingskrediet via UWV
Heb je een uitkering, dan bestaan er regelingen om vanuit die situatie een bedrijf te starten, waaronder een voorbereidingskrediet en een starterskrediet. Welke regeling voor jou geldt en onder welke voorwaarden, hangt af van het type uitkering dat je hebt. Kijk daarvoor bij UWV over het starterskrediet en bespreek je situatie met je eigen adviseur.
7. Bijstand voor zelfstandigen (Bbz)
Het Bbz is een regeling voor zelfstandigen die tijdelijk te weinig inkomen hebben of geld nodig hebben om te starten. Je kunt er een aanvulling op je inkomen of een lening voor bedrijfskapitaal uit krijgen. Je vraagt het Bbz aan bij je eigen gemeente, bij de afdeling sociale zaken, en niet bij UWV. De voorwaarden staan bij Rijksoverheid over bijstand voor zelfstandigen.
8. Subsidies en regelingen
Er bestaan subsidies voor creatieve en duurzame ondernemers, en er zijn gemeenten met eigen regelingen voor starters. Het aanbod wisselt per jaar en per regio, dus kijk in het actuele overzicht in plaats van in een lijstje uit een blog. Begin bij het subsidieoverzicht van Ondernemersplein en bel daarna je eigen gemeente. Ga je een duurzaamheidssubsidie aanvragen, lees dan ook wat je daarna wel en niet over je merk mag zeggen in mijn blog over duurzaamheidsclaims voor je kledingmerk.
Route 3: laten voorfinancieren
9. Crowdfunding met pre-orders
Bij crowdfunding presenteer je je collectie voordat hij bestaat, en je klanten betalen vooruit. Met dat geld laat je de productie draaien. Je loopt geen voorraadrisico en je weet meteen of er vraag is.
Wat het van je vraagt, wordt vaak onderschat. Je hebt vooraf een publiek nodig dat je kent en dat jou kent, want een campagne trekt zelden vanzelf publiek. Je hebt goede foto’s of samples nodig van iets dat je nog niet in productie hebt. En je belooft een leverdatum die je waar moet maken, met alle doorlooptijden die daar in de kledingproductie bij horen. Reken dus terug vanaf je beloofde leverdatum voordat je een campagne opent.
10. Investeerders of een business angel
Heb je een concept met echt groeipotentieel, dan kun je een investeerder zoeken die kapitaal inbrengt in ruil voor aandelen. Dat kan werken bij een innovatief product waarvoor ontwikkeling nodig is.
Ik ben hier terughoudend in bij een eerste collectie. Je geeft een deel van je bedrijf weg op het moment dat het het minste waard is, en je krijgt er een medebeslisser bij voordat je zelf weet wat je merk is. Kijk eerst of een lening of pre-orders volstaan.
11. Samenwerken met een partner
Een partner die meebetaalt in ruil voor een aandeel, of een atelier dat jouw productie tegen gunstige voorwaarden doet in ruil voor samenwerking. Beide komen voor en beide vallen of staan met wat je vooraf op papier zet: wie beslist waarover, wie is eigenaar van de ontwerpen en de patronen, en wat gebeurt er als een van jullie eruit wil.
Welke route past bij jou?
Kort samengevat: heb je tijd en geen geld, kies route 1. Heb je een plan en een begroting, kies route 2. Heb je een publiek, kies route 3. De meeste merken die ik heb begeleid combineren er twee, meestal doorwerken in loondienst plus pre-orders voor de eerste serie.
Wat je ook kiest, je hebt daarna dezelfde vragen: welke stof, welke pasvorm, welke fabrikant, welke aantallen. Die vragen loop ik met je door in de online cursus Start je eigen kledinglijn. Wil je eerst gratis de eerste stappen zetten, doe dan de gratis minicursus.
Veelgestelde vragen over een kledinglijn starten zonder eigen geld
Kun je echt een kledinglijn starten met nul euro?
Met nul euro kom je het verst via print on demand, want daar betaal je pas als er verkocht is. Wil je een eigen ontwerp met een eigen patroon en pasvorm, dan heb je geld nodig voor je patroon, je samples en je eerste oplage. Dat geld hoeft niet van jou te zijn, en daar gaan de elf routes hierboven over.
Waar vraag ik het Bbz aan?
Bij je eigen gemeente, bij de afdeling sociale zaken. Niet bij UWV. Woon je in een gemeente die dit samen met buurgemeenten regelt, dan verwijzen ze je daarnaartoe.
Is crowdfunding een goede manier om een kledinglijn te financieren?
Het werkt als je al een publiek hebt dat op je wacht. Zonder bereik is een campagne meestal een lege pagina. Begin daarom eerst met het opbouwen van een e-maillijst en een verhaal, en open je campagne pas als je weet wie er gaat bestellen.
Heb ik een businessplan nodig om geld te lenen?
Voor een lening bij een kredietverstrekker of via een regeling van je gemeente heb je vrijwel altijd een plan met een begroting nodig. Bij familie is dat niet verplicht en het is er net zo goed op zijn plaats, want het dwingt je om je aannames op te schrijven.

Welke stappen zet je als eerste?
Drie lessen over je idee, je productie en je eerste stappen, met een bonusles over je merknaam. Je maakt onderweg je eigen startplan op één pagina.
Geen vakjargon, gewoon hoe het werkt.
Ja, ik wil meedoenDirect toegang, in je eigen tempo. Je kunt vandaag beginnen.

Punt 11: M.b.t de SBIR link: deze lijkt vervangen te zijn door programma Innovation Impact Challenge: https://www.rvo.nl/subsidies-financiering/innovation-impact-challenge
Dank je wel Conny.